Rambo

Nadat de hond van mijn ouders thuis was overleden hebben we ongeveer 2 jaar geen hond gehad.
Ik vond het maar saai, maar mijn ouders vonden het wel lekker om even geen hond te hebben, wat meer vrijheid.
Maar na veel gezeur kreeg ik dan een hond voor mijn verjaardag. Ik werd 18 dus een bijzondere dag was het wel.

Met mijn moeder ging ik naar het asiel en wij deden echt alles fout wat je maar fout kon doen bij een eerste hond uit het asiel halen.
Zowiezo wisten we alleen maar dat we een puppy wilde, vraag me nu nog wel eens af waarom, want die oudjes zijn toch ook hardstikke leuk. Maar okay, wij wisten toen nog niet beter en wij wilde een pup. 

We kregen 2 nestjes te zien. 1 hardstikke leuk nestje van een ras wat ik nu niet meer weet. Maar die mochten nog niet meteen mee en wij wilde eigenlijk wel meteen een hond. Dus gingen we voor het 2e nestje wat we zagen.

Het waren kruisingen met een Greyhound vertelde die man van het asiel ons. Eerlijk gezegd zei ons dat niets want hadden wij dit ras gekent hadden we hier nooit een hondje van genomen. Die magere honden vonden we maar niets. . Ze waren geboren op 28 februari 1989.

Verder waren de hondjes ziek en hebben wij het meest zielige hondje meegenomen die er tussen zat. Hij werd steeds weg geduwt door de rest, maar het was een doorzettertje, toen al .

 En zo gingen wij met een ziekelijk klein mager hondje naar huis. Eerst langs de dierenwinkel want we hadden nog niets in huis. Ja ook dat was natuurlijk hardstikke fout.
Eenmaal thuis gekomen mocht ik een naam uitzoeken voor mijn eigen hondje, ik wilde pukkie doen maar dat vond niemand leuk. En dus vond ik het wel grappig hem Rambo te noemen.

Een klein inimini hondje die Rambo heette, en inderdaad toen hij pup was, was dat hardstikke schattig.
Later werd het een beetje een belachelijke naam voor zo een gespierde spijker.

 In het begin hebben we heel wat afgelopen met hem naar de dierenarts. Hij was doodziek en heeft het maar net gered. Van de dierenarts hoorde we dat de rest van het nestje was ingeslapen omdat ze te zwak waren.
Onze zorgen, de bezoekjes aan de dierenarts en de warmte hebben Rambo erdoorheen getrokken. Gelukkig maar.
Hij lag in die tijd heel vaak onder het vest bij mijn vader op schoot. Diezelfde vader die eigenlijk geen hond meer wilde en die het ook maar een lelijk mormel vond .

 Hij groeide op tot een irritant maar ook wel lief hondje. Hij kon niet alleen zijn want jankte dan uren achtereen. Gelukkig hadden we toen al lieve buren die er goed tegen konden en niet klaagde. En mazzel dat mijn moeder niet werkte waardoor er praktisch altijd wel iemand thuis was.

Iedereen uit de buurt kende hem, de hond die op de keukentafel lag te wachten tot wij thuis kwamen.
Deze moeilijke periode met Rambo heeft mij geleerd dat je niet zomaar opgeeft. Je haalt een dier in huis en daar hoor je voor te zorgen zo goed en kwaad als het kan. Tenslotte heb jij dit hondje uitgezocht en dit hondje heeft er niet om gevraagd.
Hier ben ik mijn ouders wel dankbaar voor, want er was niets makkelijker geweest als dit hondje weer weg brengen naar het asiel. 

Rambo is zijn leven lang een eigenwijs hondje geweest. Hoe bozer wij werden hoe minder goed hij luisterde.

Achteraf was het gewoon een echte windhond, niet zomaar een ras tenslotte .

Maar hoe meer wij ons gingen verdiepen in het ras, hoe leuker we het gingen vinden en zo begon onze liefde voor windhonden en als wij toen geweten hadden dat dit zou eindigen in een huis vol honden hadden we dat vast nooit geloofd.

Toen Patrick en ik gingen samen wonen namen we er een hondje bij en kon Rambo ineens wel alleen zijn. Heerlijk was dit, hadden we dit maar veel eerder geweten.

Vanaf het moment dat we er een hond bij hadden en we wisten wat het ras windhond inhield was het een makkie om hem te hebben. 

Rambo is dus jarenlang ons enige hondje geweest en dan krijg je wel weer een bijzondere band. Vooral naar mij toe was Rambo heel aanhankelijk. Hij is altijd echt MIJN hondje geweest en dat is in al die jaren dat we hem hadden nooit veranderd.
We konden uren met hem wandelen, frisbees gooien en hij ving ze op uit de lucht, we gingen zwemmen met hem en toen we gingen samenwonen ging hij elke dag op en neer. Als wij werkte was hij bij mijn ouders en ‘s avonds haalde we hem op en was hij bij ons. 

Hij is jarenlang de baas geweest over onze roedel. De andere honden hadden diep respect voor hem en dit ging allemaal vanzelf. Honden kwamen en helaas zijn er in zijn leven ook al honden overleden, maar Rambo was alijd sociaal en makkelijk naar de honden die binnen kwamen.
Hij wilde eigenlijk maar 1 ding in zijn leven en dat was bij mij zijn. Hij lag dan ook altijd aan mijn voeteneind op bed.

Mijn schaduw, waar ik was, was hij ook.
Ik heb wel eens voor de grap trap op en af gelopen en hij bleef me maar volgen. 

Toen Rambo bijna 15 jaar was hebben we hem helaas moeten laten inslapen.
Hij was echt op. Hij was mager geworden, viel regelmatig van de trap of van de bank. Hij kon niet meer en uiteindelijk hebben wij er voor gekozen om op tijd zijn leven te beindigen voor hij echte pijn zou krijgen. 

Rambo, onze eerste kennismaking met windhonden en het begin van een leven dat heel anders was gelopen als hij toen gekozen hadden voor dat andere nestje. Een ander ras, een ander leven.
Maar we hebben geen moment spijt dat Rambo ons leven heeft verrijkt.

Rambo is overleden op 31 oktober 2003. 

Anita